Bevorderingsnormen
Het rapportcijfer ‘5’ wordt in deze normen als één tekortpunt geteld, een ‘4’ als twee, een ‘3’ of lager als drie tekortpunten. Als ‘onvoldoende’ gelden alle cijfers lager dan een 6.
Klas 1
Een leerling wordt bevorderd als het gemiddelde over alle rapportcijfers minstens 6,0 is en
1. bij ten hoogste één tekortpunt, of
2. bij twee tekortpunten, als ten hoogste één van de vakken Nederlands, Latijn, Frans, Engels, wiskunde, onvoldoende is.
Klas 2
Een leerling wordt bevorderd als het gemiddelde over alle rapportcijfers minstens 6,0 is, bij maximaal drie tekortpunten.
Klas 3
Een leerling wordt bevorderd als het gemiddelde over alle rapportcijfers minstens 6,0 is en
1. bij ten hoogste drie tekortpunten, of
2. bij vier (dan wel vijf) tekortpunten, als minstens één (resp. twee) van de vakken natuurkunde, scheikunde, tekenen, lichamelijke opvoeding of levensbeschouwing onvoldoende is (resp. zijn) en de leerling voor de M-stroom van klas 4 kiest, of
3. bij vier (dan wel vijf) tekortpunten, als minstens één (resp. twee) van de vakken aardrijkskunde, geschiedenis, economie, tekenen, lichamelijke opvoeding of levensbeschouwing onvoldoende is (resp. zijn) en de leerling voor de N-stroom van klas 4 kiest.
Klas 4
Een leerling wordt bevorderd als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. het gemiddelde over alle rapportcijfers is minstens 6,0 en
2. het rapport telt ten hoogste vier tekortpunten,
3. het profieldeel telt ten hoogste twee tekortpunten.
Indien voor maatschappijleer en/of ANW cijfers staan van 3 of minder en de leerling op grond van de overige cijfers over zou gaan, heeft de leerling recht op herexamen(s) over de hele stof of een gedeelte daarvan, hetgeen bepaald wordt door de examinator. Als de leerling er niet in slaagt minimaal een 4 te halen, moet hij/zij doubleren.
Klas 5
Een leerling wordt bevorderd als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. het gemiddelde over alle rapportcijfers is minstens 6,0 waarbij alle vakken meetellen behalve L.O. en levensbeschouwing en
2. het rapport telt ten hoogste vier tekortpunten over ten hoogste 3 vakken,
3. het vak levensbeschouwing en het vak L.O. worden met minstens een 6 afgesloten.
Indien een leerling een onvoldoende heeft voor levensbeschouwing en/of L.O. en toch op grond van de overige cijfers bevorderd zou kunnen worden, krijgt de leerling een taak. De leerling heeft pas toegang tot de lessen van klas 6 als de taak als voldoende is beoordeeld.